3D-Foodprinter als leermiddel in vmbo techniekonderwijs
Voedselprinten
Erik Wellink is docent Dienstverlening & Producten (D&P) bij het Christelijk College Schaersvoorde. Voor zijn opleiding docent en kennismanager D&P heeft hij onderzoek gedaan naar het 3D-foodprinten binnen het voortgezet onderwijs. Het enthousiasme van leerlingen spoorde hem hiertoe aan. Hij ziet met de toevoeging van 3D-foodprinten in het curriculum kansen om jongeren kennis bij te brengen van opkomende ontwikkelingen op het vlak van techniek én voeding waarmee zij later in de regio van waarde kunnen zijn.

Docent Erik Wellink bij een 3D-printer
Er zijn al diverse mogelijkheden rondom 3D-printen, denk bijvoorbeeld aan laserprinten, poederprinten en FDM. FDM staat voor Fused Deposition Modeling, daarbij wordt een grondstof gebruikt waarmee je laagje voor laagje het 3D-model opbouwt. Deze manier van printen geeft je niet alleen de mogelijkheid om veel vrije vormen te printen, je kunt ook heel diverse materialen gebruiken om te printen, waaronder eetbare producten. Eigenlijk verschilt een 3D-foodprinter niet zoveel van een gewone 3D-printer. Je maakt een ontwerp in een CAD-programma (Computer Added Design), laat het omzetten in een ontwerp dat uit laagjes bestaat om het vervolgens laag voor laag te printen.
Onderzoeken en experimenteren
Je kunt niet zomaar aardappels printen, dat is wat kort door de bocht. Het materiaal dat je gebruikt is de voedingsstof zelf. Een aardappel moet je bijvoorbeeld eerst koken, daarna voeg je kruiden toe en dan pureer je het tot een gladde massa. Dat is de substantie waarmee je kunt gaan printen. Na het printen moet je het ook nog bakken of in de oven doen. Het is dus best bewerkelijk en vraagt ook heel wat onderzoek om te experimenteren hoe je het optimale resultaat krijgt.

Een vlinder geprint van wortelpuree
Toepassingen
3D-foodprinten is niet exclusief voor restaurants een mooie ontwikkeling. Er wordt namelijk ook volop onderzoek mee gedaan naar gepersonaliseerde voeding. Met behulp van een 3D-foodprinter kun je namelijk de voedingsstoffen afstemmen op iemands behoeften. In de zorg is hiermee veel winst te behalen doordat patiënten hiermee specifiek en op individueel niveau ondersteund kunnen worden. En wat te denken van sportscholen? Zij zouden het kunnen inzetten om iemands dieet heel specifiek aan te kunnen vullen op basis van iemands trainingspatroon.
Door al op het vmbo aandacht te besteden aan 3D-printen en de mogelijkheden van 3D-foodprinten hieraan toe te voegen krijgen leerlingen de kans zich te specialiseren en verder te verdiepen. Bovendien kan 3D-printen zich dan uitbreiden van industriële processen naar andere vakgebieden zoals de horeca, voedselproductie en biologie.